Klopsensor(en)    pingelen

Met behulp van de 'klopregeling' wordt de motor tegen de negatieve gevolgen van een 'kloppende' verbranding beschermd. Met 'kloppen' wordt hier bedoeld: ongekontroleerde (spontane) verbranding van het brandstofmengsel. Omdat kloppen na verloop van tijd tot motorschade leidt, moet het worden geconstateerd. Kloppen onstaat door brandstof met een te laag octaangetal of (in combinatie met) motorische invloeden zoals een hoge compressie. Bij kloppen ontstaan aanzienlijke drukvariaties (trillingen) in de verbrandingsruimte, die geluidssignalen in het motorblok veroorzaken. Deze trillingen worden met behulp van klopsensoren opgespoord. Een klopsensor bestaat in principe uit een seismologische gewicht en een piezo-keramiek. Als gevolg van de trillingen slaat de seismologische massa tegen het piezo-keramiek en daardoor ontstaat een elektrische stroom welke door de ECU wordt gemeten. Als de ECU kloppen ontdekt dan wordt het ontstekingstijdstip aangepast (verlaat) en wordt er een foutcode opgeslagen.

Klopsensor 1 = G61
Klopsensor 2 = G66
Klopsensor 3
Klopsensor 4

Storingen
Kloppen / pingelen komt voor in de volgende foutcodes: 00524  00535  00536  00540  16708  16709  16710  16711  16712  16713  16714  16715  16716  16717  16718  17709  17710  17711  17712  17725  17726  17727  17728  17729  17730  17731  17732  17733  17734  17735  17736  17737  17738  17739  17740  17741  17742  18768  18769  18770  18771  18772  18773  18774  18775  18776  18777  18778  18779  P032A  P032B  P032C  P032D  P032E  P033A  P033B  P033C  P033D  P033E

Deze pagina is voor het laatst bijgewerkt op 10 mei 2012.

Verbeteringen / Aanvullingen      Zoeken      Bronvermelding      Pas op      Disclaimer      Copyright © 2002-  G. Speek      VAG-COM  home

Specialist in VAG diagnose